De cultus

De komst van de Romeinse godsdienstbeleving heeft de plaatselijke godsdienst niet doen verdwijnen. De verering van Keltisch/Germaanse godheden bleef belangrijk in onze gewesten. Door de Romeinen werden er ook enkele oosterse goden en godinnen naar onze streken gebracht, gepaard gaande brachten zij hun vreemde cultussen mee. In onze streken is vooral de moedergodin Kybèlè een gegeerde godin om te vereren (gevonden te Harelbeke, Hofstade, Tongeren). Een niet onbelangrijk gegeven is de vereenzelviging van de Romeinse goden met de plaatselijke Keltische/Germaanse goden. De cultus waaraan de tempel is gewijd, past volledig in het tijdsbeeld dat we voor ogen hebben van de toen gangbare cultussen. Als we de vergelijking doortrekken naar andere opgravingen en vondsten van het zelfde type heiligdommen, komt men tot de vaststelling dat er op de site van Hofstade vrij veel fragmenten gevonden zijn van votiefbeeldjes. De statuetten van de beeldjes zijn toegeschreven aan Minerva, Venus, Cybelle en de inheemse Mater. Het aantreffen van deze beeldjes is een typisch voorbeeld van godsdienstvermenging: Venus en Minerva behoren tot het klassieke Romeinse pantheon, Cybele is een populaire oosterse vruchtbaarheidsgodin en Mater een inheemse.

 Een terracottabeeldje met de afbeelding van de godin Venus, afkomstig van het Gallo-Romeins heiligdom te Hofstade.

Een terracottabeeldje met de afbeelding
van de godin Venus, afkomstig van het
Gallo-Romeins heiligdom te Hofstade.